Inleiding bij Paul Kingsnorth

Paul Kingsnorth schreef een nieuw boek, Tegen de machine. Dit is de inleiding die ik schreef bij de Nederlandse uitgave.

Sommige mensen noemen zich conservatief en sommige mensen noemen zich progressief en allebei zijn ze daar trots op. Maar met de negatieve typering ‘reactionair’, waarmee we zoiets bedoelen als hopeloos terugverlangen naar vroeger, daar tooien niet veel mensen zich mee. Behalve dan Paul Kingsnorth. Conservatief, progressief, links, rechts, het is voor hem weinig meer dan een sausje dat verbloemt dat we gewoon doorgaan op de huidige, heilloze weg. We moeten reactionair worden, zegt hij, sterker nog: ‘radicaal reactionair’. Dus hou je vast, dit is een woest boek.

Afvallig milieuactivist

De schrijver Paul Kingsnorth (geboren in 1972) is geboren in Engeland en heeft verschillende romans op zijn naam staan. Ik volg hem al een tijdje. In 2019 mocht ik hem interviewen op een boekenfestival in Den Haag, naar aanleiding van zijn essaybundel Bekentenissen van een afvallig milieuactivist. Daarin reflecteert hij op zijn verleden als linkse journalist en antiglobalist. Hij dacht vroeger dat we de wereld konden veranderen als we de Mensen maar de Waarheid zouden laten zien die de Elite voor ons verbergt. Maar daar kwam niks van terecht. Mensen willen gewoon meer, en daar zijn ze tevreden mee, en als je de ene elite vervangt door de andere dan is die nieuwe elite ook gewoon voor meer groei. Zelfs de milieubeweging, die dat dan ‘duurzame ontwikkeling’ noemt.

Intussen wordt de ecologische crisis alleen maar dieper, vertelde Kingsnorth aan de luisteraars in Den Haag. De oceanen worden overbevist, de woestijnen breiden uit, soorten verdwijnen en de bodem wordt uitgeput. Waarom durven we niet te erkennen dat we op een afgrond afstevenen? Waarom rouwen we niet? Om die reden had hij al in 2009 het Dark Mountain Project opgericht. Om samen met kunstenaars en schrijvers kritisch de mythes van onze tijd tegen het licht te houden. ‘De mythe van de vooruitgang, de mythe van de mens in het centrum van alles, en de mythe dat mens en natuur van elkaar losstaan.’ Stoppen met het zoeken naar oplossingen. De afgrond in kijken, en je eerst eens laten raken.

Luisteren naar de grond

Kingsnorth besloot met zijn vrouw en zijn twee kinderen te verhuizen naar Ierland, om dichter bij de natuur te gaan leven. Het voelde voor hem niet als vlucht, vertelde hij. ‘Ik heb juist het gevoel dat ik eindelijk iets ga doen in plaats van alleen maar praten. Ik wil gaan zorgen voor een kleine plek, zodat daar leven en karakter en schoonheid en betekenis kan blijven. Ik heb altijd geschreven over de natuur vanuit een stadsmentaliteit, zonder ooit mijn handen vuil te maken. Nu maak ik mijn handen vies, verbouw voedsel, plant bomen, samen met mijn kinderen.’ Linkse vrienden vonden dat hij de planeet in de steek liet. ‘Dat is vreemd. Voor mij is het lijden van de wereld, van de kinderen in de sweatshops, verbonden met het lijden van de natuur, met de bossen die worden kaalgekapt: allemaal onrecht in naam van het geld. In een tijd waarin het kapitalisme lokale gemeenschappen vernietigt, omdat het flexibele, inwisselbare arbeidskrachten nodig heeft, zoek ik juist uit wat het is om weer lokaal geworteld te raken. Te luisteren naar de Aarde.’

Maar als je luistert, hoor je dan ook iets? Ja, zei hij, hij voelde een roeping. Hij wist niet waar dat vandaan kwam. In God geloofde hij niet, maar wel in de natuur en in iets groots en heiligs dat daar doorheen te beluisteren was. We moesten wel even glimlachen, de zaal zat vol progressieve boekenliefhebbers die wilden praten over milieu en wij zaten hier op het podium doodleuk te praten over het heilige. ‘Maar dat moet’, zei Kingsnorth. ‘Dit is een geestelijke strijd. Als we het heilige loslaten, en onze verlangens de ruimte geven, en alles mogen pakken wat we willen, en daar technologie voor mogen inzetten – berg je dan maar. Dan zijn we fucked.’

Aanbidding

Na deze avond hielden we contact. Hij keek de Engelse versie na van mijn boek, De Geluksmachine, dat ongeveer dezelfde thema’s beslaat. Op een dag, ergens in 2020, mailde hij me dat er iets was gebeurd dat ik wel interessant zou vinden: hij was christen geworden. Tot zijn eigen stomme verbazing, zei hij. Hij had zich de laatste jaren juist gestort in het heidense spiritualiteit, in wicca en hekserij. Maar hij begon iets vreemds te ervaren. ‘Ik droomde over Jezus. Mensen om me heen begonnen over Jezus te vertellen. Hij dook op in boeken die ik las, in e-mails die ik kreeg. Christus links van me, Christus rechts van me. Het was zenuwtergend, ik wilde dat helemaal niet. Ik was een heidense priester! Het christendom was wel het laatste wat me interesseerde. Ik werd… achtervolgd.’

Deze Christus kwam hem ‘halen’, zei hij. ‘Ik kon er uiteindelijk geen weerstand aan bieden. Ik ben niet tot bekering gekomen door een rationele overweging. Ik werd overweldigd.’ Hij beschrijft dit verhaal in een lang essay, dat we in het Nederlands op de site van de Karavaan der Zotten hebben gezet. ‘Hoe meer ik er nu over leer, hoe meer dat christelijke verhaal resoneert met alles wat in me zit. We willen heer en meester zijn over de aarde, we bouwen een globaliseringsmachine die de hele wereld kaalvreet, die de oceanen volstopt met plastic en steden vult met miljonairs en tentenkampen. En we willen alsmaar meer. Magie biedt daar geen antwoord op, want ook magie gaat uiteindelijk, net als de moderne wetenschap, ook weer over controle, over hoe je de natuur kunt laten buigen naar je wil. Wat ik niet had beseft, is dat de enige uitweg uiteindelijk bestaat uit de weg van Jezus: nederigheid. Overgave aan de Schepper.’

Kingsnorth vond een Roemeens-orthodoxe kerk in Ierland waar hij zich liet dopen. Daar vond hij een eeuwenoud geloof, een geloof met levende heiligen en rituelen met een diepe onverklaarbare kracht, die wijst naar God in alles, in de rivieren en de bergen. Zijn linkse vrienden waren verbaasd, was Kingsnorth conservatief geworden? Zijn conservatieve vrienden waren ook verbaasd: zat hier een eco-anarchist te bidden?

Het was de tijd van corona, van vaccinatiecampagnes en van een beginnende roep om uitsluiting van zogenaamde wappies die zich niet wilden laten vaccineren. Hij was hier ongerust over, en hij begon een nieuw project op Substack. Onder de titel The Abbey of Misrule schreef hij elke twee weken een lang essay, waarin hij nadacht over zijn onrust. Dat ging niet alleen over corona. Het had te maken met zijn nieuwe geloof: zou het probleem van het kapitalisme te maken hebben met de spirituele leegte die hij had ontdekt in het hart van onze cultuur? Wat zijn de geestelijke wortels onder het geloof in vooruitgang?

De Machine

Dit nieuwe boek is het resultaat van zijn zoektocht, het is een compilatie van de essays die hij schreef voor zijn online lezers. Ze draaien allemaal om wat hij noemt ‘de Machine’. In elk hoofdstuk krabt hij weer een extra laagje af van wat we aan de buitenkant te zien krijgen. Hij zou het ook moderniteit kunnen noemen, zegt hij, of vooruitgang. Maar hij noemt het liever een machine, ‘omdat het voélt als een machine’.

Kingsnorth grijpt terug op denkers als Lewis Mumford, die het machinematige denken ook al aanwees in de geschiedenis, en Jacques Ellul, die beschreef hoe techniek en economie een gesloten systeem worden. Hij luistert naar C.S. Lewis en G.K. Chesterton, naar Henri David Thoreau en Simone Weil, en vele anderen. Al die denkers en dichters geven weer andere woorden aan hetzelfde fenomeen, en daar zit zo veel interessants tussen dat je na dit boek rustig weer dertig nieuwe boeken op je verlanglijstje kunt zetten.

Kingsnorth windt er geen doekjes om: er zit een monster achter de machine. Of het nu gaat om het milieu, om de brexit, om hulp aan kinderen die in transitie willen, om ChatGPT of om economisch groei: er is een machine die álles wil uithollen, alle culturen wil vernietigen, de mens zelf wil beheersen.’ Kingsnorth heeft het bewust over een ‘wil’: ‘De crisis van de moderne wereld is geen crisis van technologie, politiek, of broeikasgassen, het is een geestelijke strijd. De Machine representeert onze ultieme rebellie tegen de natuur: tegen de werkelijkheid zelf.’

Dit boek biedt heel veel stof tot nadenken. Het is een flinke dosis tegengif tegen de meerderheid van linkse en rechtse stemmen die vertellen dat we allemaal vooral beter, slimmer en sneller moeten worden. Kingsnorth neemt ons mee naar de achterkant van allerlei ontwikkelingen die gewelddadiger zijn dan ons altijd wordt verteld.

Een kritische kanttekening van mij zou zijn dat het soms wel eendimensionaal overkomt. Kingsnorth zegt niet dat vroeger alles beter was, maar hij suggereert het af en toe wel. Ik kan me zelf niet aan de indruk onttrekken dat die verwoestende kracht van de modernisering ook bevrijdende elementen heeft, of had. Het vernietigt overal in de wereld het ‘sacrale’, en daardoor raken wij iets belangrijks kwijt, zegt Kingsnorth. Maar zat er in het ‘sacrale’ niet ook iets duisters en onderdrukkends? Sommige schrijvers die Kingsnorth citeert, laten volgens mij wat meer ruimte voor die dubbele visie op het Westen. Ik denk dat dat kan helpen om niet te snel aan te wijzen wat (en wie) er in de wereld zwart of wit is.

Hoe dan ook, in een wereld van gemak, groei en kolonisering is het een verademing dat iemand uitroept dat de keizer geen kleren heeft. Misschien zou ik er zelf bij zeggen dat de keizer nog heus wel een onderbroek aan heeft, maar Kingsnorth heeft wel gelijk: de wereld is in gevaar, niet door slechteriken aan de andere kant van de wereld, maar door onszelf en de mythes die we geloven.

Laten we midden in de machine leven als barbaren, zegt hij aan het eind van zijn boek. Niet vanuit een utopisch denken. Laten we afrekenen met het idee de wereld te redden. ‘Laten we korte metten maken met alle Utopia’s, de wenkbrauwen fronsen bij alle gadgets en grote plannen, en laten we onze schoenen uittrekken en onze voeten weer stevig op de grond zetten. Als we de wereld niet meer hoeven redden, dan wordt het allemaal een stuk makkelijker. De aarde draait nog altijd. Er zijn kerken. Gebed werkt. De natuur geeft en neemt. De zonsondergang is fenomenaal. Er is armoede, dood en onrecht. Er zijn wonderen en er is een vreemde, reddende liefde. Het is er allemaal nog. We kunnen ze uitleven, op iedere mogelijke manier.’ Want de machine heeft het eeuwige leven niet, zegt hij, en de liefde wel.

Voor meer boeken en artikelen, zie paulkingsnorth.substack.com.


Geplaatst

in

door